BEELDEN TUSSEN RAILS - Retro-Rail 5
Welkom  |  Contact  |  
Feiten tussen Rails
 
Beeldarchief
 
Retro-Rail 1
 
Retro-Rail 2
 
Retro-Rail 3
 
Retro-Rail 4
 
Retro-Rail 5
 
Portfolio "D-locs"
 
Portfolio "E-locs"
 
Retro-Loc 5001
 
Retro-Loc 1805
 
Gastenboek
 
 

               Toeristische Trein Zolder

Het door de heer Jans uit Kuringen verzamelde spoorwegmaterieel was de rechtstreekse aanleiding tot het oprichten van de vzw Toeristische Trein Zolder. Reeds in 1976 werd met de NMBS contact opgenomen in verband met een eventuele toeristische exploitatie van de lijn 21C As - Rotem - Elen - Maaseik maar die verbinding kende op het moment van de onderhandelingen nog een bescheiden goederentrafiek en zou pas op 31 maart 1979 buiten dienst worden gesteld. Alle overige (sinds 1957) geschrapte Limburgse spoorlijnen waren toen door de NMBS reeds opgebroken en dus moest men uitkijken naar trajekten die door de (zware) industrie werden beheerd.

De gesprekken met de K.S. (Koninklijke Steenkoolmijnen) kregen in 1980 een gunstige afloop en de mijn van Heusden-Zolder werd als thuishaven aangeduid voor de nog op te richten vereniging. Van daaruit ging het via een 8,7 km lange enkelsporige industrielijn doorheen een typisch Kempens landschap naar de kolenhaven van Genenbos langs het Albertkanaal. Hierbij werden onder meer de NMBS-lijn 15 Mol - Hasselt en de N72 Beringen - Donk (bij Zonhoven) bovengronds gekruist.

Om een uitbating mogelijk te maken werden in eerste instantie de tenderlocomotieven 46 "Simone" (La Hestre, 1926) en 1071 "Nestor" (Haine St. Pierre, 1911), beide afkomstig van Tessenderlo Chemie, aangekocht. Daarnaast werd de 4-assige diesellocomotief D2 (Montmirail, 1955) van de K.S. verworven. Van de Waalse museumspoorweg CFV3V huurde men tijdelijk drie rijtuigen omdat de levering van de in Oostenrijk bestelde "Donnerbuchse" type Bih (37 057 en 37 120) vertraging had opgelopen.

Na de officiële oprichting van de Toeristische Trein Zolder op 18 oktober 1981 reed de eerste TTZ-trein op Pinksteren 1982. Gedurende dat jaar vervoerde de nieuwkomer 2.115 reizigers gedurende 15 ritdagen. Er moest dus dringend uitgekeken worden naar de nodige versterking. Zo kwamen nog datzelfde jaar het L-rijtuig 43 315 en de R-rijtuigen 63 961, 63 962 en 66 004 van de NMBS naar Zolder.

Zelf bezocht ik de TTZ voor het eerst op 17 augustus 1985 tijdens hun jaarlijkse stoomfestival. Toen was het bestaande locomotiefpark aangevuld met de door de heer Jans ter beschikking gestelde gerestaureerde stoomlocomotief 3176 "Magda" (La Meuse, 1925). Bovendien kon ik met eigen ogen vaststellen hoever de restauratie van stomer 3223 "Bebert" (La Meuse, 1926) was gevorderd. Een jaar later was die machine rijvaardig en werd het patrimonium van TTZ verder aangevuld met trekker 5.11 (Alfa-Klinkhamers, 1948) en motorwagen 4614 (Ragheno, 1952). Deze laatste werd later voortreffelijk gerestaureerd als 554.14 en o.m. gebruikt voor rondritten (met uitleg aan boord) op het uitgebreide bovengronds normaalspoornet van de mijn Heusden-Zolder.

In 1987 en 1988 werden door de sluiting van de oostelijke mijnzetels diverse smalspoorlocs en mijnwagens aangekocht. Hiertoe behoorden de locomotiefjes Deutz A2M en A4M uit 1948, Moës DLM3 uit 1951, Ruhrthaler G90 uit 1946 en Schöma N° 1 uit 1961 om er maar enkele te noemen. Al dit materieel was onderdeel van een permanente tentoonstelling over het boven- en ondergronds transport in de Limburgse mijnen.

Een tweede expo werd ondergebracht in het door TTZ gebouwd lokaal aan het eindpunt Genenbos dat ook als drankgelegenheid dienst deed. Hier kregen de bezoekers aan de hand van fotopanelen, schaalmodellen, originele onderdelen van een blokpost en enkele armseinen een gevarieerd over-zicht van de Limburgse spoorweggeschiedenis.

In augustus 1988 begon TTZ gesprekken met de NMBS over een eventueel gebruik van het baanvak Waterschei - As - Eisden, gesprekken die een gunstig verloop kenden en in maart 1989 werden afgerond. Door de sluiting van het mijncomplex te Zolder kwam immers de exploitatie van de lijn naar Genenbos in het gedrang. In 1989 reden dan ook de laatste treinen die gedurende 24 ritdagen toch nog 2.663 nieuwsgierigen lokten. Gelijktijdig begon men te As met man en macht te werken aan de heropbouw van het stationsgebouw dat ergens tussen 1876 en 1878 in gebruik werd genomen door de Société Anonyme du Chemin de Fer de Maeseyck die in 1913 in handen kwam van de Etat Belge, de latere NMBS. De naam TTZ werd gewijzigd in LSV (Limburgse Stoom Vereniging) en op vrijdag 6 juli 1990 vond om 17.00 uur de officiële opening van de nieuwe museumlijn plaats. Tijdens het weekend van 7 en 8 juli was er dan de (beperkte) stoomhappening voor het publiek.

De verdere geschiedenis van LSV was er één van vallen en opstaan. In 1996 werd het stations-gebouw als monument beschermd. In 1999 kocht de gemeente As het pand terwijl het beheer van de volledige infrastructuur in handen kwam van de vzw Kolenspoor. Van het oorspronkelijke TTZ- en LSV-patrimonium bezit het Kolenspoor enkel nog een houten gesloten goederenwagen type "Ferry-Boat" en de metalen pakwagen 16 174, beide ex-NMBS. Het slepen van hun treinen gebeurt enkel met industriële diesellocomotieven zoals de Deutz 57517 (1962), de Orenstein & Koppel 25591 (1955) of de Cockerill 3923 en 3924 (1962) om er maar enkele te noemen.

In een interview verklaarde LSV-voorzitter Julien Casier uit Tongeren ooit dat er bij de overige spoorwegverenigingen geen interesse bestond voor het rollend materieel van TTZ/LSV terwijl achteraf bleek dat er van een rondvraag helemaal geen sprake was ! Zo wist Jason van Landschoot, de voorzitter van het SCM (Stoom Centrum Maldegem), in laatste instantie de reeds gedeeltelijk gesloopte stomer 0-6-0 T "Bebert" te redden van de totale ondergang. Op 5 december 2007 ontving ik van een SCM-medewerker een mailtje waarmee hij mij te kennen gaf dat het subsidiedossier voor de restauratie en wederindienstname van de loc op 28 november 2007 door minister Dirk van Mechelen was goedgekeurd. Tijdens het stoomfestival van 30 april en 01 mei 2011 werd de rijvaardig gerestaureerde tenderloc voor het eerst aan het publiek voorgesteld. 0-4-0 T "Magda" kwam in handen van de Nederlandse MBS (Museum Buurt Spoorweg) die rijdt tussen Haaksbergen en Boekelo. De loc werd in 1995 aangekocht en onderging in 1998 een grondige restauratie waarbij een nieuwe ketel diende ingebouwd en de fraaie NCS-kleuren (Nederlandsche Centraal Spoorwegmaatschappij) werden aangebracht. Motorwagen 554.14 doet momenteel naast het voormalige station van Maredsous dienst als buffet terwijl de draisine type 5.11 naar de BVS/SDP (Stoomtrein Dendermonde Puurs) verhuisde, op 2 augustus 2008 gevolgd door de 0-2-0 T met vertikale ketel "Jojo" (Cockerill, 1876) die stond opgesteld in de tuin van voorzitter Casier. Tenslotte werd "Nestor" niet rijvaardig omgebouwd tot (afschuwelijke) Western-loc voor het vakantiepark Ranch Don Diego te Champ de Harre en staat "Simone" weg te rotten op de terreinen van de vzw Kolenspoor.

Bijdrage afgesloten op 23/11/2007 - 08.49 u.
Geactualiseerd op 15/04/2011 - 11.13 u.


ENKELE WEBSITES

Officiële website van het Stoomcentrum Maldegem (SCM)
Officiële website van de Stoomtrein Dendermonde Puurs (SDP)

Supported by Happy Days & Powered by CenterALL & Hosted by SarrCom.com
Happy Days